|
Het voorkeurrecht, is het recht van de bestaande aandeelhouders om bij voorkeur in te schrijven op nieuwe uitgiften van aandelen, in verhouding tot het deel van het kapitaal dat door hun aandelen vertegenwoordigd wordt.
Het recht moet gedurende ten minste 15 dagen kunnen uitgeoefend worden.
De opheffing of beperking van het voorkeurrecht laat toe om voorafgaandelijk afspraken te maken met nieuwe aandeelhouders in overleg met de bestaande aandeelhouders. De bestaande aandeelhouders moeten akkoord gaan om af te zien van hun voorkeurrecht.
De beperking of opheffing mag alleen in het belang van de de vennootschap, om bepaalde nieuwe aandeelhouders binnen te laten, of het binnenbrengen van buitenlandse aandeelhouders om aan de vennootschap een internationaal karakter te geven of om institutionele aandeelhouders toe te laten terwijl voor het overige de aandeelhoudersstructuur ongewijzigd blijft.
De aandelen waarop in geld wordt ingeschreven, de converteerbare obligaties en de warrants, moeten eerst aangeboden worden aan de aandeelhouders, naar evenredigheid van het deel van het kapitaal door hun aandelen vertegenwoordigd.
De houders van aandelen zonder stemrecht bezitten een voorkeurrecht bij de uitgifte van nieuwe aandelen met of zonder stemrecht, behalve wanneer de kapitaalverhoging geschiedt door de uitgifte van twee evenredige schijven van aandelen, de ene met stemrecht en de andere zonder stemrecht, met dien verstande dat de eerste bij voorkeur wordt aangeboden aan de houders van aandelen met stemrecht en de tweede aan de houders van aandelen zonder stemrecht. Deze regeling is van overeenkomstige toepassing bij de uitgifte van converteerbare obligaties of van warrants.
|